Pinkstervlam brandde de mannen-apostelen, maar kroonde de Maagd Maria


-Pinksteren (Andrea Orcagna)-

Azaria zegt:

'Maar in het hoofd,

soms te vaak gebukt onder de zware last van drievoudige zinnelijkheid,

kan de goddelijke Zon en de vaderlijke boodschappen niet binnendringen,

wanneer vanuit het hart de verderfelijke dampen van een verdorven menselijkheid opstijgen.


Hij heeft het gezegd [Mt.15:19], de Allerheiligste Meester:

"Het is uit het hart dat de kwade gedachten voortkomen:

moord, diefstal, overspel, ontucht, valse getuigenis, afgunst, godslastering."

En ze stijgen op, als rook uit een stinkende vuurpot, naar het hoofd, 

en geven aanleiding tot verontrustende gedachten,

die vervolgens worden doorgegeven

aan de uitvoerende organen.



(Juan de Flanes)


Zelfs als de apostelen geen moord, diefstal, overspel, ontucht, valse getuigenis of godslastering hadden begaan, hoeveel minder grote menigten van mindere ellende, die toch onwaardig zijn voor geestelijke meesters, zouden er dan in hen wel niet kunnen schuilgaan en groeien, door de trots van leraar en buitengewone begunstigde van Gods buitengewone gaven te zijn!

Hoeveel mensen wel niet, raken hierdoor in ongenade!

Hoeveel buitengewone gaven, leiden niet tot verderf!

Het moet gezegd worden dat de scheiding der geesten weliswaar door zonde plaatsvindt, 

maar men kan stellen dat de lammeren van de bokken worden gescheiden

niet alleen door duistere middelen, 

maar ook door het licht van buitengewone gaven.

Vaak schenkt God deze gaven.

Weinigen houden stand, 

omdat ze op de vlucht worden gedreven

door de trots, leugens en geestelijke wellust 

van het schepsel dat van de buitengewone gave profiteert.

Dát mocht niet gebeuren met de apostelen.


In de zoon van de duisternis, in de ellendige en goddeloze Judas, 

was de gave van het mirakel het begin van het verderf van deze apostel.

Maar in de Twaalf, die bestemd waren om de wereld te evangeliseren, 

zou er geen verderf meer zijn.



En zie, de Geest, in Zijn Pinkstergemeenschap, 

verbrandt en zuivert de zetel van zintuigen en denken: 

het hoofd van de mannen-apostelen!


Terwijl Hij [cf.640.4] met liefde 

het hoofd van de Maagd en Zijn Bruid kroonde,

en zich tegen haar aandrukte om haar te kussen 

met de enige kus die de Allerzaligste Maagd, 

Moeder van alle genade, 

Dochter, Bruid en Moeder van genade, 

Maria, Koningin der Apostelen en van de Kerk op aarde, 

Koningin der Engelen in de hemel 

waardig was.

Halleluja!'


12 mei 1946

Reacties